lezing Toon Gerbrands

De maakbaarheid van succes

“Waar hij komt laat hij een spoor van succes achter...” zegt dagvoorzitter Muriëlle Springer in haar introductie. Het gaat dan vooral over successen in de sport, onder andere bij AZ en PSV. Maar als de toehoorders in de zaal een stortvloed aan voetbalmetaforen verwachten komen ze bedrogen uit. Gerbrands begint met volleybal en zeilen...

Doelen stellen
Gerbrands opent zijn meeslepende betoog met iets wat op het eerste gezicht een losse gedachte lijkt: “Succes wordt vaak achteraf verklaard. Maar het wordt zelden vóóraf benoemd.” Maar het is geen losse gedachte, zo blijkt uit zijn verhaal. Het is de leidraad van zijn professionele leven. Als clubcoach bij het volleybal, en later als bestuurder bij voetbalclubs AZ en PSV. “Succes gaat over de doelen die je stelt. Wat wil je? Wil je meedoen voor de prijzen? Wil je eerste worden? Dat moet je voor je aan de slag gaat benoemen.”

Succes wordt vaak achteraf verklaard. Maar het wordt zelden vóóraf benoemd.

Kromme van Gauss
“Goed. Als je dat benoemd hebt, kun je aan de slag. Wat moet je dan doen? Als eerste moet je talent binnenhalen. De goeie mensen.” Op het scherm verschijnt een grafiek. “Dit is de Gauss-kromme...” zegt Gerbrands. Het is een ‘normaalverdeling’, in dit geval van de bevolking van Nederland. Maar het kan ook over sporters gaan, of over leraren. Hoe dan ook, om succesvol te zijn moet je de mensen opzoeken die helemaal rechts in de grafiek staan. “De uitblinkers, de talenten, de goede voetballers en de goede leraren. Daarmee kun je het fundament voor succes leggen.”

Topprestaties
“Als je als organisatie succesvol wil zijn, zul je naar rechts moeten opschuiven in de grafiek. Van gemiddeld, 50 naar 80 of 90 procent. Het betekent dat je mensen zullen moeten meegroeien. Gaan je mensen dat volhouden?” Gerbrands kijkt de zaal in. Een confronterende vraag. “Ik heb hier in de wandelgangen een kleine steekproef gehouden. Waar vinden jullie dat jullie nu staan, als onderwijswereld? Jullie vinden zelf dat je op 60, 70 procent zit. Daarboven, bij de 90, daar wordt het spannend. Echt spannend. Dat is het gebied van de topsport, van de topprestaties.”

Visie, actie, passie
En topprestaties vragen om een top-inzet, stelt Gerbrands. “Dat is de wereld van begrippen als passie, resultaat, leren, de grens opzoeken. Laten we daar eens wat beter naar kijken. Dat hebben we gedaan voor het volleybal, daar hebben we de voorwaarden voor succes onderzocht en benoemd. Dan kom je uit op drie woorden. Visie, actie en passie.” Het zijn de sleutelbegrippen in de denkwereld van Gerbrands. “Zonder visie kun je je doel niet halen. En zonder actie –wij noemen dat in de sport ‘training’– kun je geen topprestatie leveren. En zonder passie krijg je geen mensen mee om je te helpen.”

Bankje
In de ogen van Gerbrands kan het onderwijsveld wel iets meer van het hoofdstukje ‘visie’ gebruiken. Hij laat een foto van een bankje zien. Een gewoon bankje in het park. “Ik zie bij jullie enorm veel werklust. Actie. Er wordt hard gewerkt. Ik zie ook veel drive en passie. Maar waar het misschien een beetje aan ontbreekt is visie. Daar valt de winst te boeken. Waar wil je met je school zijn over vijf jaar? Zie je dat bankje? Ga daar nou eens een uurtje op zitten om eens goed na te denken. Waar ben je mee bezig? Wat wil je nu eigenlijk echt bereiken?”

Ergens onderweg naar je werk verlies je dan die aanpak weer.

Vertrouwen
Toon Gerbrands geeft ons daarbij nog een begrip mee: samenwerken. Dat ligt als basis onder de drieslag visie-actie-passie. “Je kunt het niet alleen. Goed samenwerken kan alleen op basis van vertrouwen. Het vertrouwen dat iedereen uitgaat van een positieve intentie, dat iedereen meewerkt aan het succes.” In feite, zegt Gerbrands, doen we dat iedere dag al, als we functioneren in ons gezin. “Ergens onderweg naar je werk verlies je dan die aanpak weer. Waarom werken we in onze professionele omgeving eigenlijk niet ook zo?”

Dat is nou de typische opstelling van de Nederlander he? Altijd een klein beetje reserve houden...

Strek je arm!
Aan het eind van zijn presentatie vraagt Toon Gerbrands of iedereen zijn rechterarm zo hoog mogelijk wil opsteken. “Wees niet bang, ik ga niks engs met u doen!” De zaal heft collectief de hand op. Een zee van armen steekt in de lucht. “En nu nog eens twee centimeter erbij!” vraagt Gerbrands. De handen gaan een klein stukje hoger. “Kijk...” zegt Gerbrands “...dat kon dus toch nog!” De zaal lacht. “Dat is nou de typische opstelling van de Nederlander he? Altijd een klein beetje reserve houden...”

Richard Derks
Voeg toe aan selectie