Workshop

Met leerlingen de arena in

Hoe er ook met de leerKRACHT-aanpak maatwerk kan worden gerealiseerd
Maatwerk? Dat gaat niet zonder echte betrokkenheid van leerlingen. Verschillende scholen binnen het Limburgs Voortgezet Onderwijs (LVO) gebruiken de leerKRACHT-aanpak om dat voor elkaar te krijgen. In deze workshop laten ze zien hoe.

De workshop begint zoals veel overleggen op de LVO-scholen beginnen: met een door leerKRACHT ontwikkelde bordsessie. Bordleider Fons van de Wall, sectordirecteur op het Graaf Huyn College in Geleen, doet eerst een check-in: hoe zitten de aanwezigen vandaag in de wedstrijd? Een overgrote meerderheid voelt zich goed, zo blijkt. Met hun buurman of buurvrouw mogen de aanwezigen vervolgens een recent succesmoment delen. "Ik heb net een huis gekocht", deelt iemand lachend met zijn buurvrouw.

Bij het formuleren van de doelen blijkt dat de meeste aanwezigen een doel delen: concrete voorbeelden van succesvolle maatwerkoplossingen ophalen en tips krijgen om die zelf ook te implementeren.

Limburgse leerKRACHT
Andre Postema is bestuurder bij LVO. "Onze 22 scholen zijn allemaal heel verschillend, maar hebben een gezamenlijk doel: het onderwijs beter maken. En wij ondersteunen dat." Een paar jaar geleden startten twee scholen bij wijze van proef met de leerKRACHT-methode, inmiddels hanteren 12 scholen deze aanpak. "Het management van onze scholen vindt het ook erg interessant, dus in hun vergaderingen zien we die borden ook steeds vaker terugkomen. En wij als College van Bestuur gebruiken ze ook, om te zien of we voldoende meters maken. Ik zou het mooi vinden als ik hier volgend jaar kan melden dat al onze scholen hiermee werken.”

Jaap Versvelt begon leerKRACHT zo’n 5 jaar geleden, vertelt hij. Ervaringen van zijn vier zoons op school en van zijn vrouw, zij-instromer op de pabo, lieten hem nadenken over een aanpak om scholen in staat te stellen om met leerlingen samen het onderwijs te verbeteren. Hij zegde zijn baan als partner bij adviesbureau McKinsey op en ging aan de slag. De leerKRACHT-aanpak gebruikt vier simpele instrumenten: bordsessies, gezamenlijk lesontwerp, de stem van de leerling en lesbezoek en feedback. Inmiddels hanteren 600 scholen de aanpak.

De leerlingenarena
Een van de instrumenten om leerlingen te betrekken is de leerlingenarena. Daarin wordt van een groep leerlingen input gevraagd volgens een paar spelregels: de toehoorders, degenen die niet in de arena zitten, onthouden zich van commentaar en de leerlingen zelf noemen geen namen van docenten.

Annelot Janssen, wiskundedocent op het Graaf Huyn College, leidt het gesprek. Op haar school vinden er regelmatig dit soort sessies plaats: soms met alleen een vakgroep of afdeling eromheen, soms met alle docenten. In het midden van de groep zitten leerlingen in een kring. Vandaag krijgen zes leerlingen uit de tweede en vierde klas van het vmbo vragen voorgelegd die de aanwezigen bij binnenkomst opschreven. Ze zitten in een kring in het midden van de zaal.

Niet te blij doen
"Wanneer is een docent een goede docent?", vraagt Janssen. "Als hij rustig blijft", klinkt het. "Als hij goede zin heeft" en "als hij luistert naar een leerling als die daarom vraagt". "Als je niet alleen maar theorie krijgt in de les, maar ook aan een project kunt werken."

"Is er leraargedrag te benoemen waar je heel allergisch voor bent?" Daar hoeft een van de leerlingen niet lang over na te denken. "Als het ’s ochtends het eerste uur is en de leraar heel blij staat te doen", de aanwezigen lachen uitbundig. Er passeren verschillende andere vragen de revue. De toehoorders knikken vaak instemmend.

"Hoe vinden jullie het om dit te doen", vraagt een van de aanwezigen na de sessie aan de leerlingen. Een meisje antwoordt dat ze het de eerste keer wel spannend vond. "Maar ik had ook wel zoiets van: misschien werkt het wel in het voordeel van docenten. Dus toen durfde ik wat meer te zeggen."

Elk team zijn eigen bord
De groep wordt in tweeën gesplitst. De ene groep gaat het hebben over de bordsessies met leerlingen, iets dat veel leerkrachten uit eigen beweging zijn gaan doen naar aanleiding van de docentenbordsessies. De andere groep gaat nader in op hoe je als docententeam met een verbeterbord kunt gaan werken.

Op de school van Janssen hebben de vakgroepen elke dinsdagmiddag een bordsessie, zoals net ook aan het begin van de workshop. "We zien dat door de eigenheid van de teams er heel verschillende borden ontstaan", vertelt ze. De doelen op de borden zijn heel leerlinggericht, de acties zijn docentgericht.

De bordsessies leveren iets op. "Het zijn werkoverleggen in plaats van vergaderingen", zegt Fons van de Wall, sectordirecteur op het Graaf Huyn College. "Sinds we hiermee werken zit er veel meer energie in de vergaderingen, we hebben geen agenda meer en mensen voelen zich veel meer eigenaar van de actiepunten." Janssen vult aan: "mensen leren van elkaar, doen meer samen. Het gesprek gaat echt over de inhoud van het onderwijs, dat genereert energie."

Leerlingen voor het bord
Bij de andere deelworkshop gaat het over het leerlingenbord dat er in Maastricht op initiatief van veel mentoren kwam. Het vergroot de betrokkenheid en zelfredzaamheid van leerlingen, zegt Marianne Pijnenburg die ook lesgeeft op het Graaf Huyn College. "En leerlingen leren beter plannen en organiseren."

Ze vraagt aan de aanwezige leerlingen hoe het hen helpt als ze weten hoe een klasgenoot zich voelt. "Het verklaart het gedrag van een ander", zegt een meisje. Leerlingen zeggen het ook als ze een slecht humeur hebben, zo blijkt. Al hebben sommigen daar wel een paar sessies voor nodig. Pijnenburg: "We vragen dan altijd of een leerling er zelf iets over wil zeggen."

De leerlingen vinden het leuk dat er aandacht aan hun successen wordt besteed. Van een mooi resultaat in een sportwedstrijd tot toelating tot een vervolgopleiding, alles wordt gedeeld. "Ook als je er vaak wordt uitgestuurd en bent er dan al een week niet uitgestuurd", voegt een jongen toe.

Mirjam Streefkerk
Voeg toe aan selectie